Bijvullen. Nu is het week 7.

Goed. We zijn weer een paar weken verder. Hoog tijd dus om nog eens wat te schrijven. Ik kijk in mijn agenda zodat ik heel leuk chronologisch de hoogtepunten in die 2 weken eruit kan pikken. Zo heb ik het bijvoorbeeld voor de eerste keer aangedurfd om naar zo een dramabijeenkomst te gaan (deze avond heb ik er weer een). Ik kwam daar aan in het Jonathan Swift Theatre en ik moest er allerlei soorten improvisatieoefeningen doen. Maar ik keek eigenlijk liever hoe de rest het ervan afbracht. Het ziet er me best een leuk groepje uit: veel kleurrijke figuren, veel homo’s en veel kleurrijke homo’s. Dus je kan al raden hoe vrolijk iedereen wel niet was en geacht werd te zijn. Toen die beproeving ten einde was moest ik mij regelrecht haasten naar een ‘mentor dinner’: een groepje internationale studenten die samenkomen en om beurten een heel gerecht van hun land in elkaar moeten steken. Die eerste keer beten twee Ierse meisjes de spits af met hun Shepherd’s pie en een lekker appeltaartje als dessert. In mijn groepje zitten overigens ook nog 1 Amerikaanse, 1 Canadese en 1 Duitse. Volgend hoogtepunt is er een van jewelste. Het leuke was dat ik eigenlijk helemaal niet wist wat er gaande was. Ik had met een paar mensen afgesproken voor de Stables. Opeens sprak iedereen over een feestje in een andere stad georganiseerd door ik weet nog altijd niet wie. De bus stond er al en na veel overleg besloten we ook om in te stappen. Weg van Limerick is immers altijd wel een meevaller. Nog even melden dat we dus in een bus stapten die  normaliter helemaal niet voor ons bestemd was en dat we  geen flauw benul hadden waar de rit eindigen zou . De busrit duurde zo een 2 uur en we kwamen aan in een of ander klein dorpje. In dat dorpje stond er een klein boerderijhuisje en daar moesten we  zijn. Blijkbaar opent de boer die daar woont elke donderdagavond zijn huis voor iedereen. Hij heeft daar zijn eigen bar met enkel Guinness op de tap en heel zijn woonkamer zat vol oudjes en mensen met instrumenten. Het was er voller dan vol. Er brandde vuur in elke kamer en de muren hingen vol met Ierse decoratie. De oudjes in de woonkamer hadden het er wel naar hun zin. Luidskeels zongen ze allerhande liederen. Van vrolijke drankliederen tot droevige liedjes over armoede of dode walvissen of stukgelopen relaties of drankverslavingen. Na het ene lied begon een ander weer met de aanzet van het volgende en zo ging het maar door. Ik ging er bij zitten en zong zo nu en dan een stukje refrein mee. Een Ier naast mij vroeg of ik ook een lied kende dat ik wilde zingen, maar daar bedankte ik toch vriendelijk voor. Er werden moppen verteld door een Ier zonder tanden en de drank vloeide rijkelijk. Eigenlijk was het wel een onvergetelijke gebeurtenis en ik denk niet dat ik ooit nog zo iets zal meemaken. Van heinde en verre kwamen die Ieren allemaal naar dat ene boerderijhuisje op de heuvels in the middle of nowhere om samen te zitten, te drinken, en vooral te zingen. Heerlijk.

Zaterdag was het tijd voor mijn bezoek! Hoera, hoera, hup met de geit, het was Dorien- en Laratijd! Ik vond het zo zo fijn om hen nog eens terug te zien. Zaterdag zagen ze de wondere wereld van Limerick dat jammer genoeg niet veel bijzonders is, buiten het hoge percentage aan marginaliteit na een bepaald uur. Zondag namen we de bus naar Galway, een klein, pittoresk, leuk stadje. Maandagnacht was het jammer genoeg tijd voor vertrek en een halfslapend afscheid. Jammer jammer en weer hopen gemis.

Dinsdag. Een houseparty. Bij 2 jongens die ik ken van de OPC. Een typisch Iers feestje. Heel erg veel zattigheid. Maar een van mijn meest memorabe feestjes ooit. The craic was mighty, indeed.

Donderdag heb ik een moderne versie van Macbeth gezien.

Vrijdag Tablequiz, maar niet gewonnen. Wel veel plezier en veel gedans.

Zondag ben ik gaan klimmen in Ballykeefe Quarry. Ik ben helemaal tot boven geraakt. De eerste keer toch. De tweede keer kwam ik nog geen meter vooruit en ik schaamde mij diep.

Vorige Dinsdag was er een Ceili-avond. We leerde Iers dansen op Ierse muziek. Niet al te moeilijk, gelukkig. Veel gehuppel, dat wel.

Gisteren weer een mentor dinner. Deze keer waren het taco’s. Volgende week is het mijn beurt: Help! Iets typisch Belgisch? ik heb geen flauw idee.

ik zit me hier te haasten want ik moet naar mijn dramaklas.

Published in: on oktober 22, 2009 at 5:48 pm  Reacties (2)  

Connemara

Terre brûlée au vent, des landes de pierres
autour des lacs, c’est pour les vivants un peu d’enfer
le Connemara
Des nuages noirs
qui viennent du nord colorent la terre
les lacs, les rivières
c’est le décor du Connemara

Aldus Michel Sardou. Wel, daar was ik dus afgelopen weekend. Meer bepaald in Letterfrack. Het was werkelijk de beste trip die ik hier al heb gedaan. Niet alleen was het uitzicht schitterend, ook de sfeer in de groep was optimaal. Vrijdagavond vertrok de bus uit Limerick. Al snel ontpopte de bus tot een echte partybus (onderweg werd er zelfs gestopt om jezelf met drank te bevoorraden). Busschauffeur Pat is compleet geschift. 5 keer heeft hij heel de rotonde rondgereden, hij haalde expres uit naar de arme schaapjes aan de kant van de weg en hen dan net niet raken, en meer van dat soort fratsen waardoor ik voor mijn leven (en dat van de schapen) vreesde. Het hostel waar we verbleven (Old Monastery) was erg gezellig ingericht: het stond eigenlijk boemvol met prullaria en oude dingen en overal waar je keek ontdekte je wel iets interessant. Ook liepen er schattige katten rond waaronder 2 kittens. We kregen een lekkere vegetarische maaltijd en relaxerende muziek op de achtergrond. Er was een leefruimte met open haarden en badkamers met kerstverlichting. Ik deelde mijn kamer met de Franse meisjes Aimée en Candice, het Duitse meisje Judith, het Spaanse meisje Xoanna en de Hongaarse jongen Adam. Dan natuurlijk de hiking zelf: zaterdag heb ik welgeteld 9 uur (!) op de bergen vertoefd. We stegen meters hoog en we bleven maar stijgen. Er was heel veel wind. Wel ik ben blij dat ik het gedaan heb, maar ik kan wel zeggen dat ik onderweg nogal binnensmonds heb zitten vloeken. Maar ik deed het met de glimlach en zei tegen iedereen die het horen wilde hoe great het wel niet was. Het dalen was zo mogelijk nog vervelender. Het aantal keren dat ik uitgegleden ben is niet meer op twee handen te tellen. Wat later in het hostel was het natuurlijk leuke boel a volonté. Iedereen uitgelaten, de meesten zat. Zondag koos ik er dan voor om niet meer te gaan hiken (mijn benen deden immers erg veel pijn en ik kon de trap zelfs niet meer elegant op en af), en met de andere nee-zeggers (de meesten van de groep eigenlijk) ben ik andere delen van Ierland gaan verkennen, waar Pat ons ook naartoe bracht. Ik was eigenlijk veel te moe om echt aandacht te schenken aan alles wat er te zien viel. Het mooie strand herinner ik mij tenminste nog vol met aangespoelde kwallen en Paul die een duikje nam in het ijskoude water.

Laters

Published in: on oktober 7, 2009 at 9:21 am  Reacties (1)  
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.